Bij LOC komen geregeld vragen binnen over het leegmaken van kamers na het overlijden van bewoners. LOC heeft zich een aantal jaren geleden hard gemaakt om hier betere regelingen voor te krijgen. Er kwamen toen veel verhalen dat familie meteen de dag van overlijden de kamer van de overledene moesten leegmaken. Dat leidde tot heel pijnlijke situaties. Na veel politieke lobby is er toen een financiële regeling gekomen voor de dagen na overlijden. LOC en brancheorganisatie ActiZ hebben vervolgens op basis van deze regeling een aantal dagen vastgesteld voor de nabestaanden.

Wat is de regeling?

Verpleeg - en verzorgingshuizen krijgen na het overlijden van een bewoner nog 13 dagen geld voor de kamer van deze bewoner. Het bedrag dat de zorgorganisatie ontvangt is lager dan tijdens het leven van de bewoner. Nabestaanden krijgen 7 dagen de tijd om de kamer leeg te maken. De zorgorganisatie heeft vervolgens maximaal 6 dagen de tijd om de kamer klaar te maken voor de volgende bewoner. In overleg met de cliëntenraad kan de zorgorganisatie meer dagen voor het leegmaken door de nabestaanden afspreken. Het minimale aantal dagen is 7.

Waar staan de regelingen?

Het geld

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) maakt regels voor de verdeling van het geld van de zorg. Dat gebeurt in zogenaamde beleidsregels. Voor 2018 gaat het om de beleidsregel BR/REG-18143c Prestatiebeschrijvingen en tarieven zorgzwaartepakketten 2018. In deze beleidsregel staat:

'Doel is om de bekostiging te regelen indien een plaats voor verblijf leeg is achtergelaten ten gevolge van overlijden (...) van een bewoner.

Voorwaarden:

  • Betreft een kalenderdag waarop de plaats voor verblijf leeg is achtergelaten ten gevolge van overlijden (..) van een bewoner;

  • Bij overlijden of verhuizing van een bewoner kan alleen het werkelijke aantal mutatiedagen, met een maximum van 13 dagen, voor de overleden (..)  cliënt worden gedeclareerd.'

De verzekering

Het Zorginstituut Nederland bepaalt wat er in de verzekering zit. In dit geval de Wet langdurige zorg (Wlz). De regelingen staan in het Wlz-Kompas. Daar staat:

‘De instelling maakt in goed overleg met de cliëntenraad beleid over het ontruimen van de kamer na overlijden van een verzekerde. Aan de hand hiervan worden hierover zo nodig nadere afspraken gemaakt met de nabestaanden.

Verzorgings- en verpleeghuizen krijgen voor lege kamers maximaal 13 dagen een vergoeding. Een week (7 dagen) wordt over het algemeen als redelijke termijn beschouwd om de kamer te ontruimen.’

Algemene voorwaarden

Als aanvulling op de wet hebben LOC, Consumentenbond, Patiëntenfederatie Nederland afspraken gemaakt met de brancheorganisaites ActiZ en BTN. Alle leden van ActiZ en BTN moeten zich aan deze algemene voorwaarden houden. Maar ook bij zorgorganisaties die geen lid zijn van ActiZ of BTN zal een rechter kijken naar de algemene voorwaarden.

In de algemene voorwaarden staat:

‘Uw nabestaanden krijgen na het overlijden 7 dagen de tijd om de accommodatie leeg te

maken. Als dat niet gebeurt, kunnen wij de accommodatie ontruimen en de daarin aanwezige eigendommen drie maanden opslaan. Wij kunnen uw erfgenamen een vergoeding in rekening brengen voor het opslaan van de eigendommen. De hoogte van die vergoeding staat op onze website en/of in onze huisregels.’

Zorgorganisaties mogen alleen afwijken van de algemene voorwaarden als dat ten gunste van de bewoner is.

Wat is de rol van de cliëntenraad?

Uitgangspunt is dat de nabestaanden op een menselijke manier afscheid kunnen nemen van de overledene. En dat zij in rust de uitvaart kunnen regelen, voordat zij de kamer moeten leegmaken. Dat menselijke aspect is het belangrijkste.

Op basis daarvan kan de cliëntenraad afspraken maken. De regeling van minimaal 7 dagen voor de nabestaanden is er. De cliëntenraad kan afspraken maken om meer dan 7 dagen af te spreken. Of een flexibele regeling, waarbij de wensen van de nabestaanden het uitgangspunt zijn. Met als minimum 7 dagen. Uiteraard kunnen nabestaanden er voor kiezen de kamer sneller leeg te maken. Dan kan de zorgorganisatie de kamer eerder aan een volgende bewoner verhuren. Maar nabestaanden mogen absoluut niet onder druk gezet worden om de kamer sneller leeg te maken.  De cliëntenraad heeft een verzwaard adviesrecht over dit onderwerp (voor cliënten geldende regeling).

Wat te doen bij een verschil van mening?

In de meeste organisaties is er inmiddels een nette regeling, die rekening houdt met de gevoelens van nabestaanden. Toch krijgen we helaas nog steeds signalen dat sommige zorgorganisaties nabestaanden onder druk zetten om de kamer sneller leeg te maken. Zijn de cliëntenraad en de bestuurder het oneens over de regeling na overlijden? Dan kan de Landelijke Commissie van Vertrouwenslieden (LCvV) een bindende uitspraak doen. Houdt de zorgorganisatie zich niet aan de regels? Het is dan goed eerst een gesprek te voeren met het management van de zorgorganisatie. Verandert er niks? Dan kan een gesprek met het zorgkantoor zinvol zijn. Ook is het mogelijk de Landelijke Geschillencommissie in Den Haag een bindende uitspraak te laten doen.




Wil je een reactie geven? Als je een profiel hebt op LOC zeggenschap in zorg en je bent ingelogd kan dat hieronder. Heb je dat niet dan kun je op de meeste pagina's ook rechts op de pagina reageren of hieronder. Of maak een profiel via de nu volgende link. Dank!

Doe mee op LOC zeggenschap in zorg

Reacties

  • Opbaren op de kamer

    Binnen Wlz-instellingen kan het mogelijk zijn om de dierbare op te baren op de eigen kamer. Voor kosten voor het opbaren kan een vergoeding gevraagd worden, omdat dit zogenaamde 'wenselijke laatste zorg' is. Deze zorg wordt niet door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) getarifeerd. De kosten van het opbaren kunnen bij de nabestaanden of de uitvaartverzekeraar in rekening worden gebracht. 

    Dit heeft ermee te maken dat tijdens de periode van opbaren in de eigen kamer, de instelling geen vergoeding krijgt op grond van de Wlz. De periode van 13 mutatiedagen gaat in, zodra de kamer leeg is achtergelaten.

    Welke afspraken binnen een zorgorganisatie (tussen organisatie en cliënten) gemaakt worden over de mogelijkheden en de eventuele kosten voor het opbaren, waar een instelling een vergoeding voor kan vragen, zijn een zgn. 'voor cliënten geldende regeling' en daarover heeft de cliëntenraad een verzwaard adviesrecht (Wmcz, art. 3 lid 1l).

    Nadere informatie over palliatieve zorg in de Wlz is onder meer te lezen in het NZa-Rapport Palliatieve zorg op maat (uitgave juli 2017 - pag. 19-25).

    Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen
    Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen
Deze reactie is verwijderd

De reactiemodule haalt reacties op...

LOC Zeggenschap in zorg - Hof van Transwijk 2, 3526 XB Utrecht - (030) 284 32 00 - vraagbaak@loc.nl

Veel gestelde vragen | Vraagbaak & feedback

Meer over LOC, lid worden & meedoen